U bent hier

Kunsthistoricus Roger Marijnissen overleden

 

Afgelopen weekend is Roger Marijnissen, lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten, op 95-jarige leeftijd overleden.


Marijnissen (1923-2019) was kunsthistoricus uit de Gentse school, waar hij als werkstudent een opleiding kreeg die sterk beïnvloed werd door de figuur van Paul Coremans, de expert die met zijn opleiding in chemie aan de basis lag van het ontdekken van vervalsingen in de schilderkunst (o.m. Van Meegeren). Coremans was de promotor van het proefschrift waarmee hij in 1967 promoveerde, cum laude, tot doctor in de kunstgeschiedenis en oudheidkunde. Dit doctoraat getiteld Het beschadigde kunstwerk zoomt in op twee eeuwen restauratiepraktijk. Marijnissen reveleert hoe belangrijke kunstwerken vaak mismeesterd zijn geworden, deels uit technische onwetendheid, deels door onbegrip over het wat kunstwerk in wezen is.


Marijnissen is auteur van basiswerken over Pieter Bruegel de Oude en Jeroen Bosch. Hij was een belangrijke smaakmaker inzake oude maar ook hedendaagse beeldende kunst (o.m. de monografie over Jan Fabre). Een kwarteeuw lang schreef Marijnissen kunstcommentaren waar iedere kunstliefhebber halsreikend naar uitkeek. Gemotiveerd door liefde en respect voor “het kunstwerk”, verdedigde Roger Marijnissen een radicaal conservatief beheer van ons kunstpatrimonium. De strijd tegen het onverantwoord omgaan met onvervangbaar erfgoed, zowel door artisanale restaurateurs als door het te verhuizen voor tentoonstellingen wereldwijd, bleef hij voeren tot op hoge leeftijd.


Roger Marijnissen werd in 1958 adjunct-directeur Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium, departement Conservatie en Restauratie. In oktober 1970 werd hij lid van de Klasse Kunsten van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten. In 1982 was hij een jaar lang bestuurder van de Klasse Kunsten.

 

Foto: R.Marijnissen